Laatste nieuws:

Weblog brandgansonderzoek Rusland 2009

Ook in 2009 is er weer een expeditie naar de baai van Kolkolkova georganiseerd. Volg de avonturen live op de weblog.

Lees meer...
 
Brandganzen geringd in de Jan Durkspolder

Op zaterdag 4 juli 2009 zijn er Brandganzen gevangen in de Jan Durkspolder, onderdeel van het Fryske Gea gebied "De Alde Feanen" in Friesland.

Lees meer...
 
Samengaan met www.geese.org geslaagd

Op woensdag 18 februari 2009 is de invoermodule van Goosetrack afgesloten. De laatste stap in het samengaan van Goosetrack en www.geese.org is daarmee een feit.

Lees meer...
 
Woensdag 18 februari overstap naar www.geese.org

Op woensdag 18 februari 2009 wordt de invoermodule van Goosetrack definitief afgesloten. Na die dag is het uitsluitend mogelijk uw waarnemingen van gekleurringde ganzen in te voeren op www.geese.org.

Lees meer...
 
Ringen en halsbanden PDF Afdrukken E-mail

Kleuringen en halsbanden zijn er in vele soorten en maten. Halsbanden van Grauwe ganzen komen in tenminste drie kleuren voor. Bij Brandganzen zijn zeven verschillende kleuren gebruikt voor pootringen. Naast kleurringen krijgen de vogels ook een metalen ring. Ook worden er andere methoden gebruikt om individuele vogels te volgen. De gangbare kleuren zijn rood, donkergroen en donkerblauw, alle met een witte inscriptie, en geel, wit, lichtgroen (lime) en oranje, alle met een zwarte inscriptie. Ook bij andere ganzensoorten worden hoofdzakelijk deze zeven kleuren gebruikt. In een enkel geval komen zwarte ringen voor.

Kleurringen van Brandganzen
Bij Brand- en de meeste andere ganzen worden zeven verschillende kleuren pootringen gebruikt. De drie donkere kleuren hebben een witte inscriptie, de overige vier een zwarte.

Door invloed van weer en wind slijten ringen, en kunnen de kleuren vervagen. Nieuwe ringen hebben vaak een heldere kleur met een duidelijke contrasterende inscriptie met scherpe randen. Bij oude ringen kunnen de kleuren vervagen of verbleken, en wordt het contrast tussen basiskleur en inscriptie kleiner. Donkere ringen met witte inscriptie kunnen door ophoping van vuil en ijzeroxide in de witte inscriptie (die dieper ligt) moeilijk afleesbaar worden.

Geel F en wit 6
Nieuwe ringen (links) zijn helderder van kleur en hebben meer contrast dan oude ringen (rechts). Bovendien zijn nieuwe ringen machinaal gegraveerd terwijl dit bij oude ringen met de hand gebeurde. Daardoor verschilt ook het lettertype

Afleesfouten zorgen voor "vervuiling" van het gegevensbestand. Daarom is zorgvuldigheid bij het aflezen van groot belang. Met name onder ongunstige omstandigheden, zoals een grote afstand, weinig licht, of het niet volledig kunnen zien van de inscriptie zijn fouten snel gemaakt.

Oranje 3, 5 en 6
Wanneer de inscriptie niet volledig zichtbaar is zijn fouten snel gemaakt. Boven zijn de cijfers 3, 5 en 6 moeilijk van elkaar te onderscheiden. Wanneer goed zichtbaar is het onderscheid makkelijker te maken, maar ook dan zorgen deze drie cijfers regelmatig voor afleesfouten

Een aantal inscripties leidt sneller tot problemen dan andere. De letters P en F kunnen op grotere afstand makkelijk verwisseld worden. Cijfers 3, 5 en 6 kunnen eveneens problemen opleveren. En zelfs de cijfers 1 en 7 en de letters J en T, allen met een verticale streep, worden regelmatig verwisseld. Om verwarring te voorkomen worden daarom bij pootringen van Brandganzen maar elf van de 26 beschikbare letters daadwerkelijk gebruikt (A, C, D, F, H, J, K, N, P, T en Y). De cijfers 4 en 0 worden niet gebruikt, de overige wel. Zorgvuldigheid bij het aflezen voorkomt bovendien de teleurstelling van het ontvangen van een SMS met de mededeling: "De opgegeven gans is niet gevonden".

Geel P en F
De letters P en F kunnen gemakkelijk worden verwisseld

Geel T, lime 7, blauw 1, geel J
Inscripties met een duidelijke vertikale component, zoals 1, 7, J en T, kunnen verward worden

Halsbanden bij Grauwe Ganzen zijn over het algemeen donkergroen of donkerblauw van kleur. De vogels met groene halsbanden zijn in Nederland en België geringd. Het zijn vogels die bij ons broeden. Op de halsbanden staat altijd één letter horizontaal, en twee letters of cijfers vertikaal die van boven naar beneden afgelezen dienen te worden. Op halsbanden van Grauwe Ganzen worden méér verschillende inscripties gebruikt dan bij pootringen van Brandganzen. Vrijwel alle letters komen voor, en tevens alle cijfers. Er is wel verschil tussen landen. In Nederland (groene halsbanden) worden bij de vertikale letters bijv. alleen A, B, C, E, H, N, R, S, T, U, X en Z gebruikt. De horizontale inscriptie is altijd een letter, de twee vertikale symbolen kunnen zowel letters als cijfers zijn, of een combinatie daarvan. De blauwe halsbanden komen uit Scandinavie en zijn vooral in de trektijd en de winter bij ons aan te treffen. De codering van de banden komt overeen met die van de groene alleen worden er veel meer letters gebruikt.

Naast een halsband dragen veel Grauwe Ganzen ook een pootring met daarop dezelfde code. Dat is handig wanneer de gans zijn halsband kwijtraakt. In dat geval is hij toch nog individueel herkenbaar. Het kan dus voorkomen dat u een Grauwe Gans met uitsluitend een pootring ziet. Deze kunt u ook doorgeven via Goosetrack.

Halsbanden GJNB en GJNS
Groene halsbanden met de codes JNB en JNS. Bij halsbanden worden meer letters gebruikt dan bij pootringen. Dat levert meer combinaties op, maar maakt de kans op afleesfouten ook groter. In dit geval kunnen de B en de S gemakkelijk verward worden op grotere afstand

 

halsbanden BAAA en BK29
In Scandinavie worden blauwe halsbanden gebruikt. De meeste van deze banden zijn (donker)blauw met een witte inscriptie. Een klein deel is lichtblauw met een zwarte inscriptie. Beide kunnen gemeld worden als blauw. In dit geval dus BAAA en BK29.

 

Evenals pootringen kunnen ook halsbanden verkleuren. Jarenlang blootgesteld worden aan zon, vorst en zoet- en zout-water eist zijn tol. Vooral de oudere halsbanden zijn vaak sterk verbleekt. Daarbij kunnen zowel geel als blauw in wit veranderen. Vooral bij de blauwe halsbanden levert dit dan grote problemen op bij het aflezen, omdat de inscriptie hier ook wit is. Bij groene en de nieuwere blauwe halsbanden treedt verkleuring nauwelijks nog op doordat het materiaal van de banden verbeterd is.

halsbanden BA15 en BK29
Bij een deel van de blauwe (en gele) halsbanden kan door inwerking van zon en water de kleur verbleken. BA15 was ooit even blauw als BK29!

 

halsbanden GD23 en G7R6
In de voormalige DDR werden gele halsbanden gebruikt bij Grauwe Ganzen. Inmiddels zijn vrijwel al deze vogels gestorven.

Bij het aanleggen van ringen en halsbanden wordt er zoveel mogelijk op gelet geen dubbele coderingen te gebruiken. Dit houdt in dat naast een halsband met code GZZX (zie foto) geen halsband met code GZXZ wordt gebruikt. Bij dit soort codes is de fout om niet van boven naar beneden maar omgekeerd te lezen snel gemaakt. Dergelijke 'foute' aflezingen zijn dus altijd te traceren.

halsband ZZX
Bij een deel van de codes is het mogelijk om de halsband op twee manieren af te lezen. In dit geval GZZX of GZXZ. Aflezen van de groene pootring kan dan uitsluitsel geven, maar dat is bijna nooit mogelijk. In zo'n geval is maar een van beide combinaties gebruikt.

Naast kleurringen en halsbanden dragen ganzen ook een metalen ring met een uniek nummer. In Nederland worden deze ringen uitgegeven door het Vogeltrekstation. Elk Europees land heeft een eigen ringcentrale zoals het Vogeltrekstation, waar de uitgifte van ringen en de administratie van ringgegevens en terugmeldingen plaatsvindt. De landelijke ringcentrales werken nauw samen.

metalen ringen van Brandganzen
metalen ringen van Brandganzen. Boven een Nederlandse ring, onder een Russische

Al meer dan honderd jaar lang worden vogels geringd ten bate van wetenschappelijk onderzoek. In Nederland zijn sinds 1911 al meer dan vijf miljoen vogels geringd, waarvan er ruim een miljoen zijn teruggemeld. Gedurende deze periode is de focus van dit onderzoek geleidelijk verschoven. Aanvankelijk lag de nadruk op het in kaart brengen van trekwegen aan de hand van vondsten en terugmeldingen van geringde vogels. Tegenwoordig vormt het verzamelen van gegevens over overleving, dispersie en andere belangrijke processen middels het volgen van grote aantallen individueel gemerkte vogels een belangrijke pijler van het ringonderzoek. De ontwikkeling van gecompliceerde mathematische modellen waarmee deze gegevens, inclusief kleurringen en halsbanden, geanalyseerd kunnen worden is inmiddels uitgegroeid tot een wetenschap op zich.

Metalen ringen
Metalen ringen van Grauwe Ganzen uit Denemarken, voormalig Oost-Duitsland, Nederland, Zweden, Polen en weer Nederland

In toenemende mate wordt er van andere merkmethoden gebruik gemaakt. Satellietzenders geven regelmatig een signaal af dat kan worden opgevangen door een sateliet, die tevens een plaatsbepaling uitvoert. De gegevens worden vervolgens weer doorgezonden naar een grondstation en komen uiteindelijk bij de ringer terecht. Op die manier kunnen de bewegingen van vogels van dag tot dag gevolgd worden. Toepassing van satellietzenders hebben al een schat aan informatie opgeleverd over de trek van ooievaars, zwanen, ganzen en roofvogels. Nadeel van satellietzenders is de zeer hoge prijs, de geringe levensduur (tot een jaar) en het grote gewicht (circa 40 gram). Het grote gewicht wordt met name veroorzaakt door de batterij. Een nieuwe generatie zenders maakt gebruik van plaatsbepaling via GPS, die veel nauwkeuriger is, en zend deze gegevens daarna door naar de satelliet, of slaat ze op. Kleine zonnepaneeltjes kunnen hopelijk het probleem van de zware batterijen gaan oplossen.

Satelietzender
Een satellietzender die operatief in de buikholte van de vogel geplaatst kan worden. De antenne steekt aan achterzijde van de vogel naar buiten. Hoewel het misschien wat vreemd klinkt zijn deze interne zenders verreweg het diervriendelijkst. Het gewicht van de zender is goed verdeeld, en de vogel hoeft niets op zijn rug te dragen. De overlevig van vogels met een interne zender is gelijk aan die van andere vogels.
geolocatielogger
Een zogenaamde geo-locatielogger. De logger meet lichtintensiteit en heeft een klok. Dat is voldoende voor een plaatsbepaling. Deze logger weegt zeven gram, gaat acht jaar mee en wordt bevestigd aan een kleurring.
Image
De nieuwste generatie zenders met GPS logger en zonepaneel

Tegenwoordig bestaat er ook een nieuw soort ultra-lichte datalogger (apparaatje dat gegevens kan opslaan) die de lichtintensiteit meet en de tijd van de dag bijhoudt. Samen zijn deze twee gegevens voldoende voor een plaatsbepaling. Immers; het tijdstip waarop de zon op en onder gaat is afhankelijk van de lengtegraad, terwijl de daglengte varieert met de breedtegraad. Deze zogenaamde Geo-locatie logger is dankzij zijn eenvoud verbluffend klein en gaat lang mee. Bij Brandganzen in Rusland zijn ze al met veel succes toegepast.

 
< Vorige   Volgende >
naar boven

Inloggen

Agenda